‘Gastarbeider of Lastarbeider’: een gedroomde bachelorproef
Dit academiejaar bevind ik me in de derde fase van het bachelortraject in de opleiding Geschiedenis aan de KU Leuven. Dat betekent dus ook dat ik dit jaar een bachelorproef schrijf. Bij aanvang van het academiejaar kregen we een grote lijst toegestuurd met daarin alle verschillende onderwerpen van de bachelorproefseminaries. Alsof de Griekse goden het eeuwen geleden al voorspeld hadden, kreeg ik met mijn eerste keuze meteen een onderwerp dat me nauw aan het hart ligt: ‘Gastarbeider of Lastarbeider’: arbeidsmigranten en het middenveld in Vlaanderen (1950 – 1990). In het seminarie dat gedoceerd wordt door Stijn Carpentier verwerf ik in de eerste plaats heel wat nieuwe inzichten over arbeidsmigratie tijdens de 20e eeuw. Daarnaast biedt het me de mogelijkheid om mijn eigen familiegeschiedenis te onderzoeken om zo verder op zoek te gaan naar wat mijn ‘roots’ nu eigenlijk betekenen. Via dit blog probeer ik voortaan en regelmatig een update te geven over het seminarie en het daaraan gekoppelde historisch onderzoek.
In een column voor het Nederlandse blad ‘Jonge Historici’ beschreef ik eerder dit jaar hoe ik het discours rond migratie in onze land hekel. Telkens struikel ik over het woordgebruik en de manier waarop er over migratie wordt gepraat in de hoogste rangen van de macht – maar ook door Jan met de pet. Dat heeft vast en zeker te maken met het feit dat ikzelf migratieroots heb. Al voel ik me een echte ‘Belg’ en bevestigt mijn identiteit op papier dat ook, mijn roots zijn niet weg te denken uit mijn leven.
Net dat triggerde me om ooit op onderzoek te trekken naar mijn familiegeschiedenis. Sinds mijn beiden grootouders overleden zijn, rezen er alleen maar meer vragen in mijn bovenkamer. Waarom leerden Nonna en Nonno nooit de Nederlandse taal? Hoe komt het dan dat mijn familie toch (meestal) vlekkeloos die taal beheerst? Waarom leeft een deel van de familie in Limburg, een ander in Clabecq, een stuk in Milaan en dan weer een deel in Sicilië? Werd Nonno gedwongen om Italië te verlaten en naar België te reizen? Allemaal vragen waar geen pasklaar antwoord op bestaat, maar door het bachelorproefseminarie krijg ik nu wel de mogelijkheid om tijd te investeren in een (weliswaar kleinschalig) onderzoek hiernaar.
Tijdens het seminarie besteedt de docent heel wat aandacht aan de rol van het middenveld. Althans: we bekeken eerst het complexe debat over de term ‘het middenveld’ – in het Engels trouwens ‘civil society’, een term die volgens mij de lading beter dekt. Het werd al snel duidelijk dat er geen allesomvattende definitie bestaat van ‘het middenveld’. Mikiko Eto geeft een brede beschrijving: ‘Civil society is a potential realm for the empowerment of ordinary citizens, particularly politically marginalized people with limited access to formal institutions.’ Volgens hem biedt ‘het middenveld’ dus een mogelijkheid aan politiek gemarginaliseerde groepen (lees: delen van de samenleving die ondergerepresenteerd zijn door hun overheid) om toch toegang te krijgen tot hun rechten als zijnde burgers van een land. Een complex begrip, waarover later meer. Eén ding staat alvast buiten kijf: ‘het middenveld’ speelde een belangrijke rol in migrantengemeenschappen, ook binnen de Italiaanse gemeenschap in Limburg. Denk maar aan het ACLI-Vlaanderen.
Ik zou ‘ik’ niet zijn mocht 1 + 1 niet gelijk zijn aan 3 – excuus aan al mijn oud-leerkrachten wiskunde die me nu door hun digitale scherm spontaan neersabelen met allerlei bewijsvoeringen waarom 1 + 1 weldegelijk niet gelijk is aan 3. Dit jaar neem ik ook het opleidingsonderdeel ‘Publieksgeschiedenis’ op in mijn curriculum. Wat is publieksgeschiedenis? Het woord zegt het feitelijk zelf: er wordt van ons, de student, verwacht dat we een historisch project ontwikkelen voor het brede publiek. Dat is enerzijds bevorderlijk voor het academisch veld om ons, de student niet te veel op te sluiten in die ivoren toren. Hoe kan je een historisch verhaal vertellen voor een breed publiek? Anderzijds geeft het de student ook de mogelijkheid om te experimenteren met verschillende vormen en methoden van het historisch onderzoek. 1 + 1 = 3, want hier komt alles mooi samen: mijn bachelorproef wijd ik (deels) aan mijn familiegeschiedenis in een casestudy die ik zal verwerken tot een podcastreeks voor het vak publieksgeschiedenis. Wanneer u van die podcast zal kunnen genieten, is me nog niet meteen duidelijk…
Omdat ik goed besef dat mijn bachelorproefonderzoek mogelijks een interessant verhaal biedt aan mijn omgeving, wil ik van mijn online aanwezigheid gebruik maken om de vorderingen in mijn onderzoek te delen met hen. Iedereen die geïnteresseerd is kan via deze pagina wekelijks een korte update lezen over het onderzoek, de nieuwe inzichten en het podcastverhaal. Krijgt u updates liever per mail? Dan kan u hier uw mailadres achterlaten; het internet doet de rest.
Meer lezen...
‘70 jaar Italiaanse immigratie... en meer!’, z.d. https://www.myria.be/files/MYRIATRICS_5_NL.pdf.
Eto, Mikiko. ‘Reframing Civil Society from Gender Perspectives: A Model of a Multi-layered Seamless World’. Journal of Civil Society 8, nr. 2 (1 juni 2012): 101–21. https://doi.org/10.1080/17448689.2012.686738.
Franciosi, Maria Laura, Sergio Scocci, en Anna Tanini. ... ... per un sacco di carbone. Genk: ACLI-Vlaanderen vzw, 1996.
Pergola, Elian. ‘Column | De Vlaamse paradox: een ahistorisch debat’. Jonge Historici (blog), 31 mei 2022. https://www.jhsg.nl/column-de-vlaamse-paradox-een-ahistorisch-debat/.
Yuval-Davis, Nira. ‘The Multi-Layered Citizen’. International Feminist Journal of Politics 1, nr. 1 (1999): 119–36.
Geraadpleegd 23 november 2022. https://expo-migratie.arch.be/Historic/work.php?section=3.